Preek in het weekend van de

derde zondag van de Advent in het jaar A

(reeks 1998-1999)

ANDERE PREKEN VAN DE WEEK

Voor de tekst van de Evangelie-lezing van deze dag en een meditatie
klik hier en zoek de juiste week

Preek op de derde zondag van de advent in het jaar A,
A98ADV03.WPF, Zat/zon 12/13 december 1998.
In de parochiekerk van de H. Bartholomeus te Poeldijk.
Pastoor M.P.J. Hagen. A.M.D.G.

Zaterdag: VOLvP met Dameskoor
Zondag:  Herenkoor Deo Sacrum: Latijn
Thema:  Open je ogen

Za:       E.L:  Jes. 35, 1-6a. 10
Zo:       EV:   Mt. 11, 2-11

HOMILIE

Open je ogen!

Een oproep. Aan wie? Natuurlijk aan U en mij? Maar eerst ook aan Johannes de Doper en aan de omstanders tegen wie Jezus spreekt. We begonnen de Advent met het thema: Open je hart, daarna, open je oren en vandaag dus: open je ogen; Kijk, zie, merk op wat er gebeurt, zie verder en begrijp wat het betekent.

We kennen het spelletje, ik zie, ik zie, wat jij niet ziet. De een geeft de opdracht, de ander moet zoeken. Zoiets kennen we ook bij de puzzelritten, de opdrachten staan op papier, maar het wordt wel zoeken om alles te vinden. Je komt het ook tegen bij zoiets als Kerkenpad. De gids wijst je op een tegeltje, een hoeksteen, een trapgeveltje, een standbeeld enzovoort. Je leert kijken door de ogen van de ander.

Open je ogen. We beginnen bij Johannes de Doper. Hij zit in de gevangenis. Daar is weinig te zien. Wat moet hij daar nu gaan zien. Toch geldt vandaag voor hem als eerste het thema: open je ogen. Johannes zit met een vraag. Zijn leerlingen moeten het antwoord zien te vinden, want hij kan zelf de gevangenis niet verlaten. Ga aan Jezus vragen: „Zijt Gij de Komende, of hebben wij een ander te verwachten?š

Wat steekt daarachter bij Johannes. Het einde van de tijd, het begin van het Nieuwe Rijk, de Komst van de Messias. Dat moet iets geweldigs zijn, met vuur en donder, met ineenstortende rijken, met tekenen aan hemel en aarde. Johannes verwacht een krachtexplosie maar dat is blijkbaar iets heel anders dan wat Jezus komt brengen. Dus: Ga aan Jezus vragen: „Zijt Gij de Komende, of hebben wij een ander te verwachten?š

Eigenlijk een gekke vraag. Als Jezus een bedrieger zou zijn, dan zou Hij gewoon kunnen antwoorden: ja, Ik ben de Komende. En als Hij geen bedrieger is, zou Hij ook kunnen antwoorden: Ja, Ik ben de Komende.

Is dat de reden waarom Jezus op een andere manier reageert? Ga aan Johannes zeggen wat je hoort en ziet. Dat is het thema van verleden week en van deze week: Open je oren, open je ogen. Ga vertellen wat je hoort en ziet: Blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden genezen en doven horen, doden staan op en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd. Gelukkig is Hij die aan Mij geen aanstoot neemt. Dat is Jezus‚ antwoord aan Johannes.

Maar „Open je ogenš geldt ook voor  ieder van ons als gelovige mensen, levend in deze tijd, want bij ons speelt ergens diezelfde vraag van Johannes. Is Jezus het nu of niet?  Ook wij zitten ergens in een gevangenis. We zijn gevangenen van de tijdgeest, van de wetenschappelijke kijk op de werkelijkheid, van onze ideeën over God en Kerk, van onze verwachtingen, onze luxe, onze economie, media en nog veel meer. En in onze gevangenis proberen we naar buiten te kijken, maar dat lukt niet. We vragen anderen die niet zo gevangen zitten als wij of zij het antwoord weten. Is Jezus het nu? Bestaat God echt? Is Hij Gods Zoon? Kan lijden zinvol zijn? Is een heilig leven de inspanning waard? Is ons Katholieke Geloof echt de moeite waard, of zijn alle religies hetzelfde? Wij zoeken antwoorden op de vragen van onze tijd.

Wat is onze gevangenis? Hoe meer  vragen, des te meer twijfels, tot je in een cirkel beland en steeds weer van de ene vraag in de ander rolt, als in een doolhof dat steeds op hetzelfde punt uitkomt. Wij zijn niet zoveel anders dan Johannes de Doper, in onze gevangenis, met onze vragen.

En krijgen wij een ander antwoord? Waarschijnlijk niet. Ga aan Johannes zeggen wat je hoort en ziet. Open je oren, open je ogen: Blinden zien, lammen lopen, melaatsen worden genezen en doven horen, doden staan op en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd. Gelukkig is Hij die aan Mij geen aanstoot neemt.

Maar dat zien we alleen nog in de ziekenhuizen. De doctoren en chirurgen hebben dit werk van Jezus overgenomen. Medicijnen en therapieën, brillen, gehoorapparaten, kunstheupen, hartkleppen, allerhande prothesen, ze maken het onmogelijke weer mogelijk.

Als Jezus nu terug zou komen, zou Hij dan dezelfde tekenen doen, lammen, blinden kreupelen genezen? Of alleen degenen waar het ziekenhuis niet verder mee komt? Het is duidelijk dat Jezus door zijn tekenen laat zien dat die tekst van Jesaia uit de eerste lezing werkelijkheid is geworden. Dat met Hem het nieuwe begin van het Nieuwe Rijk is aangebroken. Een nieuwe relatie met God, een nieuwe verbondenheid met God en elkaar.

Ik denk dat Hij toch dezelfde tekens zou doen, want ook toen was het de bedoeling dat de ogen open zouden gaan voor de diepere Boodschap. Ook nu zijn er blinden, blind voor wat goed en mooi is, wat toekomst heeft en inzet verdient. Ook nu zijn er mensen lamgeslagen, door de houding van anderen of door de gebeurtenissen. Er zijn nog steeds mensen die niet vooruit komen, vastgepind door de gevestigde mening, door vooroordelen of eigen complexen. Sommige mensen worden ook anno 1998 nog steeds als melaatsen behandeld, of dat vreemdelingen zijn die hun eigen boontjes maar moeten doppen, witte illegalen, of mensen die gewoon niet zo goed liggen in de groep.  Ook nu zijn er doven, doof voor de woorden van God, voor de goede bedoeling van de ander. En hoeveel zijn er in onze tijd niet dood, geestelijk dood, alle leven is eruit, geloof is een privégedachte, de kerk is mensenwerk, niemand kan het weten, er is tenslotte nog nooit iemand teruggekomen. Hoe arm is onze tijd, tegenover de geestelijke rijkdom die ons wordt aangeboden. Men neemt aanstoot aan God, aan Jezus, aan de Kerk, aan ons, want wij doen het niet zoals men van ons verwacht.

Op een of andere manier moeten onze ogen opengaan voor de manier waarop God aan het werk is. Waarschijnlijk doet God iets anders dan wij verwachten. Waarschijnlijk zijn onze ogen gericht op de dingen waar God niet zozeer mee bezig is.

Er is echter één probleem. Al die dingen wil God veranderen. Hij gaat het ook doen. Maar Hij wil het doen door ons. Wat Hij in Jezus begonnen is, daarmee gaat Hij verder, maar nu door ons. Durft u het aan? Of voelt u zich verlamd tegenover zo‚n enorme klus? Laat zijn genezing dan met u, met ons allen beginnen. Het is tenslotte Advent. We zien uit naar de vervulling van zijn belofte die alle verwachting zal overtreffen. De Blijde Boodschap van Gods Koninkrijk. Amen.
 



Terug naar homepage