Preek op het feest van de Doop van de Heer

in het jaar A (reeks 1998-1999)

ANDERE PREKEN VAN DE WEEK

Voor de tekst van de Evangelie-lezing van deze dag en een meditatie
klik hier en zoek de juiste week

Preek op het feest van de Doop van de Heer in het jaar A,
A99ZBAPT.wpf, Zat/zon 9/10 januari 1999.
In de parochiekerk van de H. Bartholomeus te Poeldijk.
Pastoor M.P.J. Hagen. A.M.D.G.

Zaterdag:  Gemengd koor Deo Sacrum met Nederlandse gezangen
Zondag:   Volkszang met cantor
Thema:     Doop van de Heer

Za/Zo:  E.L:  Jes. 42, 1-4. 6-7
             EV:   Mt. 3, 13-17

HOMILIE

Dit weekend een woord van de penningmeester over de Actie Kerkbalans. De homilie vervalt.

Misschien was het weer even wennen aan het begin van deze viering: de besprenkeling met het doopwater, meestal noemen we het wijwater, maar de naam doopwater is eigenlijk beter. Die besprenkeling herinnert ons aan de doop. Misschien herinnert het u aan de doop van uw eigen kinderen, kleinkinderen, misschien niet eens zo lang geleden. Het blijft iets ontroerends houden om zon klein kindje naar de doopvont te brengen.

Vandaag het feest van de Doop van de Heer. Jezus laat zich dopen. Vreemd eigenlijk. Waarom laat Jezus zich dopen? Of moeten we ons eerst de vraag stellen: Waarom laten wij onze kinderen dopen? Waarom hebben uw ouders u laten dopen, soms zelfs op de dag van uw geboorte of hooguit een dag later, of in het ziekenhuis met een nooddoop want er was misschien levensgevaar.

Waarom dopen? Even een stukje geschiedenis en een stukje theorie. Ik noem een paar benaderingen, niet teveel want je zou hiermee meerdere colleges kunnen vullen.

De oudste uitleg vinden we in de Bijbel. Daar zegt Paulus dat wij in de doop met Christus sterven en met Hem opnieuw tot leven komen. We sterven dan aan de oude mens, we laten de oude mens in het water achter en we komen tot leven als de nieuwe mens. De eerste en echte nieuwe mens is natuurlijk Christus Zelf. In de doop worden wij als Christus, nieuwe mensen. Het doopsel als sterven en opnieuw geboren worden.

Een andere oude uitleg over het belang van de doop stamt ongeveer uit de vierde eeuw. Het is de uitleg die we ook vinden bij de heilige Augustinus. In die benadering is de zonde niet alleen iets dat jezelf doet, het zit in je hart en je geest, in je fantasie en je gevoel. Een zonde als een vervelende erfenis van Adam, de oude mens, een erfenis die overgaat van geslacht op geslacht. In die benadering is de doop een soort geestelijke wassing waarmee God die negatieve erfenis wegwast.

Weer een andere uitleg ziet de doop als een ritueel waarmee je de Kerkgemeenschap binnenkomt. Je gaat door het doopsel horen bij de gemeenschap van de Christenen, je gaat bij die groep mensen horen die door dit doopsel bij Jezus horen. Je mag daarna meedoen met de Communie, met het Vormsel, en de andere sacramenten. Dan wordt het doopsel vooral gezien als het eerste sacrament in een serie, waardoor duidelijk wordt gemaakt dat je bij de Kerk hoort.

Ik zal het niet te theoretisch houden, ik noem nog een laatste aspect: de doop als het sacrament waardoor je Kind van God wordt. Daarover wil ik iets meer zeggen.

Ik heb het voorbeeld al een keer gebruikt geloof ik, van de kinderen die met een klas hier in de kerk een rondleiding kregen. Al pratend en wat vragend aan de kinderen gaf een van het als antwoord: "bij de doop, dan word je toch kind van God?". Ik vond dat een mooi antwoord, maar onmiddellijk reageerde een ander kind met een beteuterd gezicht, pastoor ik ben niet gedoopt, ben ik dan geen kind van God?

Dat was een goede vraag. Als je niet gedoopt bent , ben je dan geen kind van God. Ik heb het op deze manier geprobeerd uit te leggen.

Kijk, als een kindje tot leven komt, is God altijd blij. God houdt van elk kind. God zegt meteen: Wil jij mijn kind zijn? Als wij dat willen moeten wij natuurlijk ook een keer antwoord geven aan God. Daarom, als vader en moeder veel van God houden, gaan zij met het kindje naar de Kerk toe om dat te zeggen. Zij willen dat hun kind ook helemaal Gods kind zal zijn. Daarom laten ze het dopen.

Dopen is dan een antwoord van ons op een uitnodiging van God. Tegelijk is het een antwoord van God aan ons, omdat God waarmaakt wat Hij ons beloofd heeft. Elk mens is in aanleg kind van God. Maar het moet ooit helemaal werkelijkheid worden. Dat gebeurt met name in de doop.

Nu even terug naar Jezus. Waarom liet Jezus zich dopen?
Zonden vergeving? Dat was niet nodig, hij was zonder zonden.
De erfzonde, de negatieve erfenis van Adam misschien? Dat speelde ook niet voor Hem, daar was Hij vanaf het begin vrij van.
Kind van God worden? Dat was Hij al van vóór zijn geboorte, van eeuwigheid af.

Waarom liet Jezus zich dopen? Eigenlijk zat Johannes de Doper met dezelfde vraag. Hij wilde Jezus tegenhouden met de woorde: "Ik heb uw doopsel nodig en U komt tot mij?" Het antwoord van Jezus is veelzeggend: "Het past ons alles te volbrengen wat is vastgesteld". Jezus komt om alles te vervullen, te voltooien, om de maat van Gods gerechtigheid vol te maken. Menselijke gerechtigheid is beperkt. Gods gerechtigheid is mateloos. Hij, Jezus, de Rechtvaardige, zal alles doen wat Hij op Zich niet hoeft te doen, en dat begint hier in de Jordaan. Het zal later nog duidelijker worden als Hij het kruis draagt, de schuld krijgt van alles, als Hij te lijden krijgt wat Hij zeker niet heeft verdiend.

Waarom laat Jezus zich dopen? Hij doet alles wat de Vader Hem vraagt. En dat geeft de Vader de kans om aan ons te laten zien wie Jezus eigenlijk is. Als Jezus die weg gaat, door het water, levert Jezus het bewijs dat Hij tot alles bereid is. Dan is het feest in de hemel, want de redding van de aarde wordt werkelijkheid. Dan roept de Vader het hartstochtelijk uit: "Dit is mijn veelgeliefde Zoon in wie Ik mijn welbehagen heb". Dan kan het feest beginnen. Vanaf dat moment begint het openbaar leven van Jezus. De Vader heeft Hem geopenbaard. Eerst aan Johannes de Doper, daarna aan al de mensen.

Nu weer terug naar ons eigen doopsel. We kunnen veel redenen aanvoeren waarom het doopsel zinvol is, voor volwassenen en voor kinderen. De mooiste reden is misschien toch deze: Door het doopsel geven wij God de kans ons te laten zien wie Hij is: Onze Vader. En door het doopsel geeft God ons de kans te tonen wie wij zijn: Gods Kinderen.
 
Wat is het heerlijk om te beseffen dat God tegen ieder van ons hetzelfde zegt als tegen Jezus: jij bent mijn veelgeliefd kind. Dan is er nog maar één verlangen over: echt met die hemelse Vader verbonden leven, voor altijd en eeuwig. Amen.


Terug naar homepage