Preek op de zesentwintigste zondag door het jaar C, zaterdag/zondag 24/25 september 2016.

Als Rooms Katholiek geloven we op het woord van betrouwbare mensen met betrouwbare ervaringen. Jezus is daarvan de belangrijkste.
C2016DHJ26C

Eucharistieviering in de parochie van de H. Augustinus, in de kerken van Sint Willibrordus (Wassenaar), de H. Joannes de Doper (Katwijk) en de H. Willibrord (Oegstgeest), om 19.00, 09.30 en 11.00 uur. A.M.D.G. - I.H.S.



Welkom vooraf aan de viering

Van harte welkom, u hier in de kerk en allen die met ons meevieren via de kerkradio of het internet.

God, hemel, hel en vagevuur. Voor sommige mensen zijn dit woorden zonder inhoud geworden. Voor Jezus is het een werkelijkheid waar Hij uitvoerig over spreekt. We mogen ons vandaag bezinnen op ons geloof.

Vandaag zal onze pastoor Michel Hagen de celebrant zijn.

Ik mag u uitnodigen te gaan staan bij de intrede.
 



Lezingen

E.L: Amos 6, 1 a. 4-7
Psalm: Ps. 146 (145) 7, 8-9a, 9bc-10
T.L: 1 Timóteus 6, 11-16
All: Johannes 6, 64b en 69b
EV: Lucas 16, 19-31

Homilie

Waar denken wij aan, als we spreken over God of de hemel. Bij het gesprek voor een uitvaart komt zoiets dikwijls ter spraken. Het is interessant en inmiddels bestaat er een lange reeks aan standpunten en ideeën over God en de hemel. Ik noem er een paar, heel beknopt. Bestaat God? Bestaat de hemel?

Eerst een nietsist. Hij zegt: Geloof is een uitvlucht voor bange mensen die troost zoeken in God en in een hiernamaals. Alleen dat wat je kunt zien of meten, zoals deze aarde en dit heelal is reëel. God bestaat niet. Hemel, hel en vagevuur bestaan niet. Niets daarvan bestaat. Geloof is voor de lozers.

Dan het wetenschappelijk atheïstische standpunt. Dat zegt: Je kunt God niet zien, je kunt de hemel niet meten, er is geen bewijs. Conclusie er is geen reden om te geloven in het bestaan van God of een hemel. Religie is verschijnsel waarvan het ontstaan en de functie nog niet helemaal duidelijk is, zowel in de sociologie als in ons brein, maar daar komen we nog wel achter.

Nu het agnostische standpunt. Een agnost zegt: Ik weet het niet. Je kunt God niet bewijzen, daarom heet het geloof. Je kunt het ook niet ontkennen, want bewijzen dat iets niet bestaat is onmogelijk. Dus, ik weet het niet. Ik houd er in iedere geval rekening mee dat God en een hemel misschien wel bestaat.

Een ietsist kan zeggen: Ja ik geloof dat er wel iets is, er moet wel iets zijn, er is tenslotte méér tussen hemel en aarde dan alles wat we met sterrenkijkers of satellieten kunnen bespeuren. Maar, zegt de ietsist, ik denk niet aan een man met een lange baard, ik wil dat iets ook geen God noemen, ik denk niet in religies, ik denk breder, groter, ik denk aan energie en liefde, iets algemeens.

Vervolgens de filosoof: Het is niet onlogisch om te veronderstellen dat God bestaat. De oorsprong van de materie kan zelf niet materieel zijn. Wiskundigen hebben met kansberekening bepaald dat de kans dat God bestaat groter is dan dat hij niet bestaat. Toch weten we daarmee nog niet of en wat god is. Ik als filosoof vraag door waar de wetenschap stopt. De wetenschap stopt bij de eerste seconde van de Big Beng. De filosoof wil weten waar de Big Beng vandaan kwam. God is een aanvaardbare hypothese.

Een cultuurkatholiek zegt: Ik weet niet of het allemaal wel waar is wat ik vroeger geleerd heb, ik ben wel gaan twijfelen, je hoort tegenwoordig zoveel. Ik zie wel hoe mijn ouders veel steun en kracht hebben gevonden in hun geloof. Maar zo sterk geloof ik niet. Ik ga ook niet vaak meer naar de kerk, je kan beter goed zijn voor je naaste. Ik ga nog wel eens met Kerstmis, anders mis ik toch wel iets. De waarden en normen van de Katholieke Kerk vind ik absoluut de moeite waard, goed zijn voor je naaste en als de hemel bestaat is het mooi meegenomen.

Wat houden we over? Een gewone gelovige. Bestaat die nog? Mensen die geloven in Jezus Christus als Zoon van God. Die geloven in God, niet als een man met een lange baard, ook niet alleen maar als positieve energie, ook niet als iets dat geen naam heeft en onpersoonlijk is, niet als een filosofische grootheid, geen onbewogen beweger die de klok in beweging zet en laat aflopen. Wat houden we over? Wat geloven we?

Ik begon met de vraag naar de hemel, maar de hemel is ondenkbaar zonder God, zoals de schepping ondenkbaar is zonder haar Schepper, het niets is ondenkbaar zonder het iets, niet andersom. Het materiële valt op de duur weer uiteen, het is de geestelijke dimensie, het immateriële, dat het materiële mogelijk maakt. God is mogelijkheid vóór alle mogelijkheden. Dat kan je ook zien omdat met de schepping van de mens de materie steeds geestelijker wordt. De materie is de weg waarlangs het immateriële zich manifesteert.

Als Rooms Katholiek geloven niet omdat we filosoof zijn, we geloven niet vanwege kansberekening, we geloven ook niet zomaar uit traditie, hoe belangrijk die ook zijn mag. Voor ons is is wetenschap niet strijdig met geloof, voor ons komen waarden en normen vanuit ons geloof, zonder geloof houden ze op de duur geen stand. Wij geloven op het woord van betrouwbare mensen met betrouwbare ervaringen. Jezus is daarvan de belangrijkste. We onderzoeken en bevragen ons geloof met ons verstand, we luisteren naar de Geest die ons de richting wijst. Zo groeit ons geloof en de geloofsleer.

Vandaag horen we over de waarden en normen van de rijke vrek en de arme Lazarus. Jezus wil aan hen die denken dat iedere mens automatisch de hemel binnengaat, laten weten dat de hemel geen vrolijk vervolg van de aarde is. Het is er eerder omgekeerd, armen blijken rijk en rijken blijken arm. De hemel is veel eerder een voortzetting van jouw relatie met God en met de naaste. Heb jij daar liefdevol in geïnvesteerd, waarbij het jou veel liefde en lijden heeft gekost, dan zal God in zichzelf veel ruimte maken voor jou om in Gods liefde te leven en jouw aandeel te hebben. Die ruimte in God is de hemel en die is gegroeid tijdens jouw aardse leven. De hemel is bovendien geen zalig nietsdoen. Daar is Jezus duidelijk in. Hij geeft aan de harde werker voor Gods Koninkrijk het beheer over tien steden (Lukas 19,17). We gaan dan pas echt meedoen met God, vanuit een geestelijke werkelijkheid die eindeloos veel groter is dan alles wat we ons op aarde kunnen voorstellen. Amen.



Voorbede

Wij bidden tot God onze barmhartige Vader.

Wij bidden voor alle mensen die in Christus geloven, dat zij zich niet laten verwarren door alle geluiden in de wereld, maar dat zij eenvoud goed doen en vertrouwen op het Woord van Christus en zijn Kerk. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor alle armen in de wereld, voor hen die moeten bedelen om een stukje brood, dat wij hen niet vergeten. Bidden wij ook om gerechtigheid en vrede voor alle mensen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en voor onze parochiekern. Wij vragen God ons te helpen om meer solidair te zijn met onze naaste, meer oog te hebben voor hen die het moeilijk hebben, om Gods zegen over alle helpende handen. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen, om geloof in alles wat Jezus ons heeft geleerd en wat de Kerk ons doorgeeft. Om standvastigheid in deze chaotische wereld. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties
 

Aanvullende gegevens