Geloof als keuze

Kent u de uitdrukking “liefde is een keuze”? Het betekent dat liefde niet alleen iets is dat spontaan ontstaat of door de ander in mijn hart wordt opgewekt. Als dat gevoel immers op een of andere manier minder wordt, zou de liefde verdwijnen. Liefde is meer dan een gevoel, liefde is ook een keuze. Je kiest ervoor de ander te blijven beminnen, ook als dat spontane gevoel afneemt of zelfs helemaal verdwijnt.

Hetzelfde zien we in onze relatie met God. God kiest ervoor om ons mensen te blijven beminnen, ondanks dat veel mensen zich niet storen aan wat Hij ons zegt. Dat toonde Hij door de komst van Jezus in de wereld. De evangelist Johannes zegt daarover: “Zozeer immers heeft God de wereld liefgehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven” (Johannes 3,16). Jezus zal daar Zelf nog over zeggen: “Ik ben niet gekomen om de wereld te veroordelen, maar om de wereld te redden” (Johannes 12,47b).

Deze gedachte wil ik graag doortrekken naar het geloof. Mensen zeggen soms: “Ik wil wel geloven, maar ik kan het niet”. We kennen ook het gezegde “Geloof is een gave”. Zo lijkt het geloof op de liefde. Het wordt gewekt door de Ander met een hoofdletter, door God. Het geloof bloeit op doordat betrouwbare mensen zoals (groot)ouders, priesters of leerkrachten ons daarover hebben verteld. Wij geloven en vertrouwen hen. Het geloof wordt sterker door geloofservaringen, bevestigingen vanuit de hemel. Evenals de liefde kan ook het geloof echter in duisternis raken. Die impuls waardoor je spontaan tot geloof komt, neemt af en je vraagt je af of je nog wel gelooft. Je gaat twijfelen aan wat andere mensen je hebben doorgegeven, je gaat twijfelen aan je eigen ervaring. Je vraagt je af: “Heb ik mezelf niet voor de gek gehouden?” Net zoals de liefde, wanneer dat spontane gevoel is verdwenen, wordt geloof op dat moment een keuze. Wanneer geloof een keuze wordt, kiest je ervoor op die weg van het geloof door te gaan, ook al is die spontane impuls, die innerlijke zekerheid die je zomaar ontving, schijnbaar verdwenen.

Van ‘geloof, hoop en liefde’ noemt Paulus de liefde de grootste. De liefde is in staat het geloof levend te houden. Andersom kan het geloof de liefde ondersteunen. Theresia van Lisieux heeft dit ervaren in het laatste jaar van haar leven, toen haar longen waren aangetast door de tuberculose. Het belangrijkste houvast in haar geloof werd haar liefde voor Christus. Die liefde verdween nooit. Zij had voor die liefde gekozen, ook toen alle zoetheid daaromheen was verdwenen. Zij zocht geen troost bij God, zij wilde God troosten. Toen twijfel binnendrong in haar denken en geloven, door al het atheïstisch geweld dat in die dagen via de kranten overal binnendrong, kon zij steeds terugvallen op de liefde in haar hart, haar liefde voor Christus. Wat God in haar hart had gewekt was een grotere werkelijkheid dan alle twijfel die haar bekroop. Zij vertrouwde op haar hart, zij koos voor de liefde en zij koos om te geloven. Zo wijst zij ons een weg in onze wereld die niet veel anders is dan de hare; de weg van navolging van Jezus door te kiezen om te beminnen en te geloven.

Pastoor Michel Hagen
Katholiek Nieuwsblad 5 oktober 2017/40, #20.
 

Aanvullende gegevens