Wat betekent het om geroepen te zijn?
C2019DHJ03C

Eucharistieviering in de parochie van De H. Augustinus, in de kerken van de H. Laurentius (Voorschoten), H. Joannes de Doper (Katwijk) en de H. Willibrord (Oegstgeest) om 19.00, 09.30 uur en 11.00 uur. A.M.D.G. - I.H.S.



Welkom vooraf aan de viering

Van harte welkom, u hier in de kerk en allen die met ons meevieren via de kerkradio of het internet.

Wij zijn kinderen van God. Dat is de kern van onze roeping. Zo zijn wij hier ook samen om te naderen tot de tafel van de Heer. Hier mogen we onze roeping verdiepen en ontdekken waartoe God ons uitnodigt en waarheen Hij ons zendt.

Ik mag u uitnodigen te gaan staan bij de intrede.
 



Lezingen

E.L: Nehemia 8,2-4a, 5-6.8-10
Psalm: Ps. 19 (18) 8, 9, 10, 15
T.L: Korinthe 12, 12-30
All. Vers. Lucas 4, 18-19
EV: Lucas 1,1-4; 4,14-21

Homilie

Het jaar van de roepingen. Op het feest van de doop van de Heer, twee weken geleden, heb ik gewezen op de roeping van Johannes de Doper, hoe hij vanuit de verhalen van zijn familie en in de tekst van Jesaja zijn roeping heeft ontdekt; stem zijn, een stem die roept in de woestijn. Toen heb ik ook gewezen naar de roeping van Jezus. Bij zijn doop ontvangt Jezus de bevestiging van zijn hemelse Vader: Jij bent mijn Zoon, de veelgeliefde, in jou stel Ik mijn welbehagen.

Vandaag treedt Jezus naar voren in de synagoge van Nazaret. Hier maken we weer zo’n moment met Hem mee. Hij krijgt de boekrol en vindt de tekst van Jesaja: “De Geest des Heren is over Mij gekomen, omdat Hij Mij gezalfd heeft. Hij heeft Mij gezonden om aan armen de Blijde Boodschap te brengen, aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan blinden dat zij zullen zien: om verdrukten te laten gaan in vrijheid, om een genadejaar af te kondigen van de Heer”.

Jezus weet wat zijn roeping en zijn zending is. Daar zet Hij Zich voor in, helemaal. In dit jaar van de roepingen worden wij uitgenodigd om ons te bezinnen op onze roepingen. Wat betekent het om geroepen te zijn?

Het begint zoals met iedere mens. Je wordt geboren als kind van deze wereld, kind van deze cultuur, kind van deze ouders, deze familie, dit land, deze taal. Dan brengen je ouders je naar de Kerk, of je kiest daar later zelf voor. Daar in de Kerk ontvang je het doopsel, je wordt opnieuw geboren, maar nu niet als kind van deze wereld, van deze ouders, maar als kind van God en kind van de Kerk. De doop is het eerste antwoord op Gods roepstem. God nodigt elke mens uit om zijn kind te zijn. De Kerk is dat gezin van Gods kinderen.

Wat betekent het om Gods kind te zijn. Volgens de eerste brief van Johannes is een Kind van God iemand die goed doet, iemand die liefheeft en iemand die erkent dat Jezus onze Verlosser is. Drie basiskenmerken van een kind van God.

Kind van God zijn, kan je als het eerste kenmerk van je roeping zien. Daarna volgt wat je dan doet, hoe werkt dat uit in je leven. Waarin doe je goed, op wie richt jij de liefde die God in je hart legt, hoe geef je vorm aan de erkenning van Jezus als onze Verlosser.

Paulus gebruikt daarvoor het beeld van het lichaam. We hoorden het in de tweede lezing: “Wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen zijn immers in de kracht van een en dezelfde Geest door de doop één enkel lichaam geworden en allen werden wij gedrenkt met één Geest. Een lichaam bestaat nu eenmaal niet uit één lid maar uit vele leden”. Verderop noemt Paulus dan allerlei manieren waarop je die plaats in het Lichaam van Christus, de Kerk, kan invullen: God heeft in de kerk allerlei mensen aangesteld: ten eerste apostelen, ten tweede profeten, ten derde leraars; voorts zijn er wonderkrachten, dan gaven van genezing, hulpbetoon, bestuur en velerlei taal”.

Paulus wijst er ook op niet jaloers te zijn op de gaven van de anderen. Hij zegt: Zijn soms allen apostelen, zijn allen profeten, allen leraars, allen wonderdoeners? Hebben allen gaven van genezing? Spreken allen in vervoering? Kunnen allen uitleg geven?

Door je roeping ontdek je jouw plaats in het Lichaam van Christus, de Kerk. Ben je hand, voet, hoofd? Volgende week horen we hoe Paulus dan nog een stap verder gaat. Zoek niet de voor jou beste plek, wat jij voor jezelf verzint, maar streef naar de hoogste gave, de liefde. Dat horen we volgende week.

In de eerste lezing hoorden we Ezra, die net als Jezus uit de boekrol las. Door zijn verkondiging wordt Gods Volk gevoed, worden zij zich bewust Gods Volk te zijn. Ze worden zich ook bewust dat ze als Volk van God tekort zijn geschoten. Maar Ezra bemoedigt hen en zegt: “De vreugde die de Heer u schenkt zij uw kracht.”

Je geroepen weten door God, betekent dat God je ziet, je kent, je liefheeft en je wilt inschakelen in zijn plan met de wereld. God is geen harde commerciële directeur die alleen interesse heeft in de resultaten. God is ook geen hardvochtige vader die zijn kinderen onder de duim wil houden. God is liefde. God is om ons bekommerd, Hij is De Goede Herder waarvan Jezus het evenbeeld is.

Is de weg van je roeping daardoor een gemakkelijke weg. Nee, zeker niet, want God schakelt hen die Hij roept in voor de genezing van de wereld. Dat betekent dat je zelf eerst deel moet krijgen aan zijn genezing, om daarna ook die genezing door te kunnen geven aan de mensen om je heen, in de kleine of in de grotere kring. Dan is het natuurlijk belangrijk of jouw roeping dan ligt in de verkondiging van het Woord, in het echtgenoot of echtgenote zijn en het opvoeden van kinderen, in het bestuur, in de diaconie, in het anderen nabij zijn in hun noden of op welke manier ook. Ieder krijgt gaven van God om zich in te zetten voor Gods koninkrijk. Wie die weg gaat, ontdekt gaandeweg zijn of haar plaats in dat grote Lichaam van Christus, de Kerk, en draagt bij aan de heelheid van deze wereld. Amen.



Voorbede

Wij bidden tot God die ons uit de duisternis geroepen heeft tot het Licht dat Christus is.

Wij bidden voor alle mensen die zich geroepen weten door God, dat zij mogen ontdekken welke plaats God voor hen bestemd heeft, welke taken, welke zending Hij hen toevertrouwt; dat ze daar met vreugde op antwoorden en met hart en ziel zich ervoor inzetten. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor voor onze samenleving, dat liefde en saamhorigheid de bindende krachten mogen zijn. Dat alle mensen de roepstem van God gaan verstaan om Gods kinderen te worden door het goede te doen en lief te hebben. Dat zij zo Christus leren kennen als hun Verlosser. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor onze parochie en parochiekernen, bidden we dat het Sacrament van het doopsel mag worden herontdekt. Dat groot en klein ernaar verlangt door die poort binnen te gaan in de gemeenschap van gelovigen, in Gods Kerk. (Laat ons [zingend] bidden):

Wij bidden voor gezinnen en alleenstaanden, voor echtparen, ouders, kinderen en kleinkinderen; dat ieder de eigen plek mag vinden in de gemeenschap van het gezin én in de gemeenschap van de Kerk. Dat allen zich gewaardeerd en geliefd weten door God en door de mensen om hen heen. (Laat ons [zingend] bidden):

Intenties

Aanvullende gegevens